De 2e helft

Margit van Harten • 26 maart 2026

Deel dit artikel

Ik dacht altijd dat ik dood zou gaan op mijn 50e. Dat was zowel een aansporing om keihard te leven als een gevolg van het feit dat ik zo’n intens leven leidde. Inmiddels ben ik 51. In zekere zin ben ik misschien inderdaad gestorven. Iets in mij is definitief veranderd.

 

Mijn 50e was een enorm kut-jaar, om het maar eens poëtisch uit te drukken. De overgang had me stevig te pakken. De fysieke ongemakken waren pittig, maar vooral de mentaal-emotionele rollercoaster ontwrichtte mij, met stevige hormonale depressies, die soms in een paar uur tijd met ware tsunamikracht op kwamen zetten.

 

Omdat ik ervan overtuigd was dat mijn laatste levensjaar was aangebroken, besloot ik als een gek op te ruimen in mijzelf. Als ik dan echt de pijp uitging, wilde ik zo schoon zijn als een lammetje. No unfinished business.

 

Om de haverklap keerde ik mijzelf binnenstebuiten in ceremonies. Oude trauma’s, patronen in mijn familiesysteem: niets bleef onaangeraakt, ook dingen waarvan ik dacht dat ik ze al lang verwerkt had. Zelfs de duisternis en de depressie zelf nodigde ik in een ceremonie uit om nader kennis te maken. Met als toetje de geboortesessie die ik plande in de week voor mijn 51e verjaardag. Ik was klaar om te sterven.

 

En toen werd ik 51. Daar was ik niet op voorbereid. Mijn innerlijke ruimte was extreem schoon. Zoals een huis waarin je net een voorjaarsschoonmaak hebt gehouden. Ooit wordt het vast weer stoffig. Maar nu nog even niet.

Een tijd lang hing ik rond in een onbestemde leegte. Wat ging ik doen met het volgende deel van mijn leven? Nu ik 51 was kon ik net zo goed 96 worden. Een onwerkelijk besef. 

 

Inmiddels heb ik het gevoel dat ik begonnen ben met de 2e helft. Ik voel me lichter en wijzer dan ooit. In mij brandt een helder vuur. Door al het opruimwerk heb ik een enorme bak potentieel vrijgemaakt. Wat ga ik daarmee doen? Hoe ga ik bijdragen?

 

Op die diepe vragen ben ik nog broedende. Wat ik wel weet is dat ik andere vrouwen in deze fase wil aanmoedigen. Want hoe f*cking uitdagend de overgang ook kan zijn, het is een kans. Een kans om af te rekenen met de oude verhalen en patronen die je bezetten en jezelf opnieuw uit te vinden. Op weg naar de 2e helft. Alles anders, alles nieuw!

En dan nog even dit...


Wil je onderzoeken hoe jij een licht kunt aansteken in jouw innerlijke kelder? Welkom voor een Individuele Truffelceremonie of een Truffelceremonie (kleine groep).


Wil je een licht aansteken in jouw vrouwenlijn? Welkom bij ons Vrouwelijk Bevrijdingsritueel.


De laatste inspiratie

door Margit van Harten 8 juli 2026
Ik was op weg naar een feestje. De jarige was 50 geworden. Op weg naar binnen kwam ik iemand tegen die ik al lang niet had gezien. Het duurde even voor ik haar herkende. Ik zei haar dat ze er zo anders uitzag. Ik zocht even naar het juiste woord. ‘Zo… rijp.’ Ze reageerde niet, keek me alleen maar aan met een ondefinieerbare blik. Een andere vrouw bemoeide zich met het gesprek. ‘Rijp? Dat vind ik zo’n afschuwelijk woord. Alsof je al rot bent.’ Verbaasd antwoordde ik: ‘Maar ik bedoel het als compliment. Ik vind rijp prachtig. We rijpen toch allemaal? Ik associeer rijp met volwassen, met wijs, met innerlijke stevigheid.’ Ik zei nog wat over rijp fruit, over bloemen in volle bloei en over wijn die goed op dronk is. Maar ik zag dat het niet aankwam. Ze waren niet overtuigd. Sterker nog, ik had nog geen voet over de drempel gezet en ik had kennelijk al mijn eerste belediging uitgedeeld. Dat beloofde wat voor de rest van het feestje. 🙃
door Margit van Harten 2 juni 2026
Dragen voor een ander, het zat er al vroeg in bij mij. Ik had medelijden met alles en iedereen: de bedreigde panda, vluchtelingen, mensen die onterecht gevangen zaten, zielige familieleden. Ik wilde ze allemaal helpen. Het liefst had ik de wereld op mijn schouders genomen. Zenleraar Ton Lathouwers zei eens: ‘Pas als de laatste mens op deze aarde gered is.’ Mijn innerlijke Moeder Theresa was het roerend met hem eens. Wat heeft dat redderssyndroom me ongelooflijk veel gekost: energie, levensvreugde, tijd en geld. En het was uiteraard tevergeefs. Ik zadelde mijzelf enkel op met andermans ballast. Ik leerde er helaas maar weinig van (hardnekkig tiepje 🙃). Medelijden bleef mijn achilleshiel. Onlangs kwam ik bij de kern. Hoe zat het eigenlijk met mijn eigen zielige delen? Met de hulpeloze, de machteloze en het slachtoffer in mij? Daar had ik nog wel wat vrede mee te sluiten. En ik kwam uit bij de 1e persoon in mijn leven bij wie dit redderspatroon is ontstaan: mijn moeder. Ik zag hoe zij zelf nog een kind is, afkomstig van een emotioneel niet beschikbare moeder. Hoe ze voortkomt uit een lijn van ‘motherless children’. Hoe ik er ook één ben. Rauw en waar tegelijk. Ik zag hoe ik niet kon leunen, sterker nog: hoe ik de moeder werd van mijn moeder, zoals zoveel kinderen in vergelijkbare omstandigheden. (Wat ik daar vervolgens mee heb gedaan schreef ik onlangs in een ander blog.) Deze rolverwisseling zorgt voor enorme verstrikking en verwarring. En het helpt geen ene f*ck. Als je eenmaal in die dynamiek gevangen zit, kun je allebei niet verder. Jij niet omdat je je vleugels niet uit kunt slaan vanwege het gewicht dat er op je drukt, en de ander niet omdat deze onbedoeld bevestigd wordt in de rol van onvermogend kind. Het is dus zaak om terug te geven. Ook als de ander het niet lijkt te kunnen dragen. Achter haar/hem staan voorouders. Als je maar lang genoeg teruggaat in de lijn, kom je er vanzelf één tegen die stevig staat, bereid en met een open hart. Je geeft terug simpelweg omdat het niet van jou is. Ook al zijn jouw schouders breder. Het is de wet van de kosmos: Gij zult alleen dragen wat van u is. Zo is het leven bedoeld. En zo heeft alles zijn eigen tijd, plaats en orde. Wij kunnen niemand fixen. En niemand kan ons fixen. We moeten het zelf doen; niet alleen, maar wel zelf. Als je teruglegt in de lijn maak je een helende beweging voor alle generaties tegelijk: voor jezelf, je voorouders en de kinderen (ook bonus-/stief- & pleeg-) die na jou komen. Op naar een schone lijn. Dat we leven én doorgeven in vrijheid. 💓🙏🏼
door Margit van Harten 17 mei 2026
Ik was in ceremonie. Het was tijd om terug te geven aan mijn moeder wat ik mijn leven lang voor haar heb gedragen. Ik voelde het tot in mijn tenen. Maar ik kon niet. Hoe geef je terug als iemand zelf niet lijkt te kunnen dragen? Als je eigen schouders breder zijn? Er ontstond een wonderschoon ritueel. In mijn handen had ik een zware steen, afkomstig uit een grot in Katharenland. Ik voelde het gewicht van alles waarvoor ik haar een leven lang tevergeefs heb proberen te behoeden. Mijn hart klopte als een gek. Mijn spieren trilden. Mijn kaken klemden. Ik kon niet meer. Het was tijd. Toen was er de overgave. Met een diepe zucht legde ik de steen bij het beeld van de godin. Erop legde ik een bloem. We plaatsten er lichtjes omheen. In een gebed riepen we steun en licht aan voor mijn moeder. Het leek of de ruimte lichter werd, en heel zacht. We bleven er nog een tijd omheen zitten, stil en ontroerd. Toch voelde ik dat het nog niet klaar was. Ik pakte een schaar en plaatste deze tegen de steen. ‘Hierbij verbreek ik onze lotsverbondenheid. Ik geef je terug: je angst, je onvermogen in het bestaan…’ Er volgde nog een hele lijst. ‘Ik ben vrij. Jij bent vrij. Jij kunt dit. Jouw ziel kan dit. Er is steun.’ In mijn ceremonieboek schreef ik: ‘Ik verklaar mijzelf vrij om mij eigen pad te gaan.’ En: ‘Het is de wet van de kosmos: Gij zult alleen dragen wat van u is. Zo is het leven bedoeld. En zo heeft alles zijn eigen tijd, plaats en orde.’  Wat een heling. En wat een bevrijding. 🌈✨
Meer inspiratie